De vrije wil en de Lamme/Swaab - connectie (2)
Over 'de vrije wil' is eindeloos veel geschreven. Het is een dankbaar thema waar wetenschappers zich graag over buigen. Recentelijk kwamen Victor Lamme en Dick Swaab met publicaties waarin zij het bestaan van de vrije wil op wetenschappelijke gronden in twijfel trekken. Auteur Helen Knopper verdiepte zich in hun visies en becommentarieert in 3 afleveringen de inzichten van Victor Lamme en Dick Swaab over 'de vrije wil'. Vandaag staat in deel 2 de visie van Dick Swaab centraal.
Klik hier om deel 1 te lezen.
Dick Swaab
In het tv-programma PROFIEL van 16 februari zag ik een interview met Dick Swaab, neurowetenschapper en auteur van het boek Wij zijn ons brein. Wat Swaab hierin verdedigt is dat de mens wordt geregeerd en leeft dankzij de activiteiten van miljoenen hersencellen. Hij begon met te zeggen: ‘Dat denk ik.’ Om er dan in één adem en vergezeld van een lachje aan toe te voegen: ‘Nee, dat is zo.’
Rabbijn Evers, die ook in het programma voorkwam, verzuchtte: ‘Dat een mens niets meer is dan zoveel miljoen hersencellen, dat gaat er bij mij niet in.’ Om vervolgens te verklaren dat ‘die gedachte alleen al hem heel erg depressief’ maakte. Bovengenoemde reacties van rabbijn Evers stelden mij teleur. Is dit de tale Kanaäns? Had de rabbijn, in plaats van zijn eigen emoties te etaleren, niet uit een ander vaatje kunnen tappen? Bijvoorbeeld door te zeggen dat de God van Abraham, Izaäk en Jacob -gezien Zijn Almacht- onze miljoenen hersencellen verre overstijgt? Kon hij niet met een daverende tekst uit de Thora de stelligheid waarmee Swaab zijn beweringen doet onderuit halen? Trouwens, wat was dat dubbel-interview alles bij elkaar een oppervlakkig geneuzel! En wat was dat maand in maand uit in alle media voor een zompig gezeur over de vrije wil.
Ik vraag niet: waar hebben wetenschappers hun verstand gelaten, want dat hebben ze wel. Ik vraag me af waar ze hun geest gelaten hebben. Je zou zeggen dat rabbijn Evers de aangewezen persoon is om het over de wondere werkingen van de geest te hebben, maar hij kreeg het woord 'geest' niet uit zijn mond. Wat is er aan de hand met 'geest'? Het lijkt soms wel of mensen allergisch zijn voor het woord alleen al; het kan zelfs een agressieve houding opleveren. Voor de leek is het ondoenlijk om de lopende neurowetenschappelijke onderzoeken te volgen; daar moet je een hersenspecialist voor zijn. Maar voor wie dat niet is, zal het nochtans opvallen dat bij welk wetenschappelijk onderzoek dan ook het fenomeen 'geest' als een sta-in-de-weg wordt behandeld. Zoals eerder omschreven geldt dit ook voor Victor Lamme.
Nu terug naar het boek Wij zijn ons brein. Op pags. 208/209 schrijft Swaab: ‘Bewustzijn kan gezien worden als een nieuwe, emergente, eigenschap die ontstaat uit het samen functioneren van het enorme netwerk van zenuwcellen.’ En: ‘Al het recente onderzoek wijst erop dat de gemeenschappelijke activiteit van enorme aantallen neuronen in samenspraak met een aantal hersengebieden de basis is voor bewustzijn.’ Ik heb hier basis onderstreept omdat de geest niet afhankelijk is van de gemeenschappelijke activiteit van enorme aantallen neuronen om daarvan de basis te vormen. En waar de geest opereert in vrijheid, daar blijft het bewustzijn gevangen binnen het activiteitsprogramma van ons brein.
Wij zijn ons brein is overigens een lezenswaardig boek. En net als Oliver Sacks verstaat Dick Swaab de kunst om ingewikkelde dingen op een eenvoudige wijze uit te leggen. Het boek staat vol met weetjes en interessante observaties voor degenen die voor het eerst kennismaken met de werkingen van ons brein. Maar stel dat wij ons door Swaab hebben laten overtuigen dat wij ons brein zijn, is het dan zo, dat wij eindelijk antwoord hebben gekregen op de vragen waarmee wij worstelen? Hebben wij het aan het boek van Swaab te danken dat wij over onszelf of over ons leven dingen te weten zijn gekomen waar we iets aan hebben? Kortom: zijn we er wijzer van geworden?
Wittgenstein, geciteerd door Just van Es in zijn boek Weg uit het moeten, heeft het niet mooier kunnen zeggen: ’Wij voelen, dat zelfs, wanneer alle mogelijke wetenschappelijke vragen beantwoord zijn, onze levensproblemen nog geheel niet aangeroerd zijn.’(6.52). In samenhang met het voorafgaande een vraag aan filosoof Coen Simon: ‘Kan de wetenschap niet verrijkend zijn voor het dagelijks leven?’ Simon: ‘Natuurlijk, het heeft de tomtom, de gloeilamp en strijkbout opgeleverd. Maar wat is er verrijkend aan de opvatting dat wij ons brein zijn? Die bewering van Swaab vind ik onzinnig.’ (Trouw, 23-05-2011).
In het hoofdstuk XVI.2 - Het evolutionaire voordeel van religie schrijft Swaab onder 4): ’God geeft antwoord op alles wat we niet weten of begrijpen en het hebben van een godsdienst geeft het gevoel van optimisme (blij, blij, mijn hartje is zo blij, want Jezus is een vriend van mij). Het geloof geeft je tevens de verzekering dat, mocht het leven nu moeilijk zijn, het later, in het hiernamaals beter wordt. Merkwaardigerwijs wordt steeds als voordeel van religie “zingeving” genoemd, alsof je zonder hulp van God niet in staat zou zijn je leven zin te geven.’ Het gaat er nu niet om uit te maken of enkel religie zingevend is; waar mijn blik aan genageld bleef is wat er onder 4) tussen haakjes is gezet. Het is namelijk niet alleen een overbodigheid, waarvan gezegd kan worden dat die misstaat. Ook de foute toon vloekt met de inhoud.
Een mede-atheïst van Dick Swaab, te weten Richard Dawkins, auteur van het boek The GOD Delusion, schroomde niet een wel zeer onthullende overbodigheid aan zijn boek toe te voegen. Hij schrijft (pag. 5): ’If this book works as I intend, religious readers who open it will be atheists when they put it down’. Gevolgd door: ’What presumptuous optimism!’ Ik vervang dit liever door: Wat een prefrontaal fanatisme! Precies dat fanatisme van de atheïst-missionaris Dawkins is wat het hele boek kleurt en derhalve schier onleesbaar maakt.
Hoofdstuk XVIII heeft als kop: DE VRIJE WIL, EEN PLEZIERIGE ILLUSIE. Wat Swaab te melden heeft over de vrije wil, de onbewuste wil en wat de vrije wil niet is, beslaat 15 pagina’s, dus beperk ik mij tot één enkel citaat. Meer hoeft eigenlijk ook niet, want de kop van dit hoofdstuk zegt al genoeg. Op pag. 380 schrijft hij: ‘De huidige kennis van de neurobiologie maakt duidelijk dat van een volledige vrijheid geen sprake kan zijn. Vele erfelijke factoren en omgevingsinvloeden tijdens de vroege ontwikkeling hebben door hun inwerking op onze hersenontwikkeling de structuur en de functie van de hersenen voor de rest van ons leven vastgelegd.’ Zo hilarisch dat Swaab het woordje volledige onderstreept! Je hebt de vrijheid, of niet. Een beetje vrij is onzin.
Dick Swaab beschouwt de vrije wil als een plezierige illusie. Antonio Damasio, hoogleraar neurowetenschap en auteur van het schitterende boek The feeling of what happens, ziet het anders. Hij zegt: ‘Veel van wat wij “vrije wil” noemen, komt neer op ons vermogen om nee te zeggen tegen dat wat ons biologische zelf wil. Als je genen bijvoorbeeld bepalen dat je seks wilt met een bepaald persoon, maar in jouw cultuur is dat niet geoorloofd, dan kun je ervan afzien. Dat is dan een bewuste, vrije keuze. Het is idioot om te beweren dat wij geen vrije wil zouden hebben.’(Trouw, 08-03-2011).
Tot besluit nog iets over het bewustzijn. Dat woord wordt door Victor Lamme en Dick Swaab veel gebezigd. Lamme is nog op zoek naar het bewustzijn en Swaab heeft het al in de basis van ons brein ondergebracht en pretendeert daarmee meer te weten dan is aangetoond. (Een opmerking die in mijn studieboeken psychologie met betrekking tot hersenactiveit bij herhaling voorkomt en mij deugd deed is: ‘We weten dat het werkt, maar we weten niet hoe.’) In verband met de door Victor Lamme genoemde ‘relatie tussen brein en geest’ is het buiten kijf dat die relatie bestaat. Geldt dit ook voor de relatie tussen bewustzijn en geest? Ja, het is zelfs een innige relatie, want die houdt namelijk in dat wij ons bewust kunnen worden van geest. Ligt het dan niet voor de hand te concluderen dat bewustzijn en geest identiek zijn; als het ware een eeneiige tweeling vormen? Dat is ver bezijden de waarheid. Want ook al zijn ze in wezen van dezelfde komaf, bewustzijn en geest verschillen van elkaar in die zin dat het verschillende grootheden zijn.
Deel 3 (Tenslotte) kunt u lezen op 1 december.
Helen Knopper is auteur van diverse romans, verhalenbundels, poëzie en van haar memoires. Zij studeerde psychologie en heeft grote belangstelling voor religieuze stromingen en voor het Boeddhisme in het bijzonder.
De vrije wil en de Lamme Swaab connectie
- 01 december 2011
- 24 november 2011
- 17 november 2011
Helen Knopper
- 11 mei 2012
- 09 april 2012
- 23 maart 2012
- 24 februari 2012
- 08 februari 2012


Reacties
Reageren